|
Waarom je elkaar soms misloopt terwijl je allebei verbinding zoekt
[In bewerking. Versie 29-04-2026 11.15] Het was een belangrijk gesprek voor je. Niet zomaar een praatje tussendoor, maar zo’n gesprek waar je van tevoren goed over hebt nagedacht. Je had je woorden zorgvuldig gewogen. Je wilde je integer en zonder oordeel opstellen. Openhartig, maar met gepaste grenzen. En eerlijk is eerlijk: toen je naar huis reed, had je het gevoel dat het best goed was gegaan. Het was een mooi gesprek. Jullie hadden zelfs even gelachen, dingen uitgesproken, elkaar aangekeken, misschien even gezwegen. Dankbaar! En een terecht klein schouderklopje voor jezelf.
Maar de volgende dag kreeg je een appje. Het maakte meteen duidelijk dat de ander het gesprek toch heel anders had beleefd. Dat het voor hem of haar ongemakkelijk was geweest. Te intens misschien. Te scherp. Te veel. Of juist te afstandelijk. En terwijl jij dacht dat jullie dichterbij waren gekomen, bleek de ander zich niet helemaal gezien, niet begrepen of zelfs onveilig te hebben gevoeld. Heel verwarrend. Wat gebeurt hier? Misschien hebben jullie allebei een andere 'verbindingsstijl'. Wat is dat en hoe kan inzicht hierin je helpen in situaties waarin verbinding verwarrend wordt? Daarover gaat dit artikel. Een eigen stijl van verbinding Elk kind zoekt onbewust naar een 'veilige' verbinding met de ander. In het contact met je vader, moeder, opvoeders, broertjes, zusjes, familie en vriendjes leer je hoe dat werkt. Degenen die jou opvoeden zijn sleutelfiguren in de vorming van jouw verbindingsstijl. Juist van hen leer je hoe je bij iemand 'binnenkomt', 'aanhaakt'; hoe je 'aansluiting' vindt of met iemand een 'lijntje legt'.
Zo ontstaan verbindingsstijlen. Niet als een bewust gekozen strategie, maar als een onbewust aangeleerde stijl om in het contact met de ander steeds dat haakje te vinden dat de communicatie, de sfeer goed houdt. Want dat is veilig. Een kind voelt: zo maak ik verbinding, zo leg ik een lijntje, zo krijgen we contact, zo raak ik de ander niet kwijt en zo kan ik het verloren contact weer 'oppakken'. En wat werkt, gaan we herhalen. En wat je vaak herhaalt, wordt vertrouwd. En gaat vanzelf bij je horen. Voor je het weet noemt iedereen het je 'karakter', terwijl het misschien meer iets is dat je gaandeweg ontdekte in het leven. Zo werkt het. Verbindingsstijl, hechtingsstijl en communicatiestijl Een verbindingsstijl is dus wat anders dan een hechtingsstijl of communicatiestijl. Een verbindingsstijl is de vroeg aangeleerde manier waarop je in een concrete ontmoeting met de ander nabijheid probeert te maken, te checken, te bewaren of te herstellen. Je zou kunnen zeggen: het is een specifiek instrument in de toolbox van je communicatievaardigheden, maar wel gaandeweg ontstaan in je hechtingsgeschiedenis. Je communicatiestijl gaat over hoe je communiceert (zenden, ontvangen, luisteren, verbaal, nonverbaal, passief, actief, direct, indirect). Je hechtingsstijl gaat over hoe veilig nabijheid voor je voelde in de hechting met je primaire opvoeders en hoe je daar in je verdere leven mee omgaat (veilig, angstig, vermijdend, verwarrend). Je verbindingsstijl zit daar precies tussenin: het is jouw vertrouwde haakje om heel concreet nu in dit gesprek, in deze ontmoeting de verbinding tot stand te brengen, te checken of die verbinding nog goed is, te onderhouden en zonodig te herstellen of repareren. Zowel het tot stand brengen als het checken, onderhouden en herstellen gebeurt door micro-interventies: een glimlach, een bevestigend knikje, oogcontact, gezichtsuitdrukking, een klein gebaar, koffie aanbieden, een mop vertellen, even stil zijn, een onderwerp inbrengen, etc. Getraumatiseerde mensen zijn heel gevoelig voor deze micro-interventies van de ander. Traumasensitieve personen zetten deze micro-interventies bewust of onbewust in om het contact voor de ander veilig te maken. Ik zie vanuit mijn praktijkervaring aanwijzingen dat stellen die dezelfde verbindingsstijl hebben en concreet continu hun relatie 'onderhouden' of 'repareren' met deze micro-interventies een langere en duurzamere relatie met elkaar kunnen opbouwen dan mensen die een verschillende verbindingsstijl hebben of deze kleine 'reparaties' achterwege laten. Op een gegeven moment is het contact dan op zoveel kleine stukjes 'beschadigd' dat het als onherstelbaar voelt. En soms ook onherstelbaar is. Onveilig gehechte mensen voelen zich sneller onzeker over de verbinding. Zij zullen deze daarom vaker checken en voorzichtig proberen het lijntje te herstellen, of juist (tijdelijk) afstand nemen als de verbinding te intens wordt. Het is voor hen veel harder werken dan voor mensen die veilig gehecht zijn. Onveilig gehechte mensen zullen daarom vaker hun verbindingsstijl met de daarbij behorende micro-interventies moeten inzetten voor kleine 'checks' of 'reparaties' van de lijn. Zij lopen relationeel altijd meer op eieren en dat kost veel energie. Dit kan zelfs tot uitputting leiden in complexe relationele situaties. Veilig gehechte mensen hebben afhankelijk van hun persoonlijkheidsprofiel een specifieke verbindingsstijl die ze vrijwel overal inzetten of juist een breder scala aan verbindingsstijlen. De specifieke verbindingsstijl zie je vooral bij stabiele, meer robuuste persoonlijkheden (nuchter, behoudend, gestructureerd). Zij maken overal op hun eigen manier verbinding. Plastische en meer dynamische persoonlijkheden (gevoelig, extravert, open-minded, creatief) hebben soms meerdere haakjes voor verbinding en kunnen soms beter aansluiten bij uiteenlopende verbindingsstijlen van anderen. Opvallende verbindingsstijlen In de afgelopen 35 jaar heb ik veel mensen mijn kamer, een teamsessie, een intakegesprek of een wachtruimte zien binnenlopen. En verbinding met mij en anderen zien maken. Allemaal met een eigen, unieke verbindingsstijl. Ik heb er al schrijvend een aantal op een rij gezet, maar er zijn er natuurlijk nog veel meer. Dit is geen wetenschappelijk onderbouwd overzicht, het komt niet uit een theoretisch model. Voor zover mij bekend is er (nog) geen psychologisch model op het gebied van verbindingsstijlen, al raakt het natuurlijk diverse theorieën over hechting, interpersoonlijke relaties, coping en communicatie. Het is wat mij gaandeweg is gaan opvallen in mijn werk als psycholoog.
Natuurlijk zijn er nog veel meer: verrassen (onverwachte wendingen aan een gesprek geven), shockeren (iets heftig als een bommetje laten vallen), kadootjes geven (letterlijk of figuurlijk), druk zijn (werken), interesse tonen in een voorwerp van de ander ('hé, dat is een mooie foto'), iets concreets tonen (bijv. op een mobiel), fysieke aanraking, etc. etc. Niemand heeft slechts één verbindingsstijl. We maken allemaal een eigen combinatie van meestal twee of drie voorkeursstijlen is mijn indruk. Zo kun je de 'uitdagende analist' zijn, de 'mopperende grappenmaker' of zelfs de 'harmoniserende, pratende zorger'. Onder druk zie je mensen vaak hun meest beproefde verbindingsstijl inzetten en de meest opvallende 'reparatie-interventies'. Elke verbindingsstijl heeft een eigen logica en een eigen ontwikkelingsgeschiedenis waarin deze stijlen als de best passende boven kwamen drijven. 'Best passend' is de optelsom van:
Om deze reden zijn we allemaal extreem vergroeid met onze eigen verbindingsstijl. Deze is duizenden of misschien wel tienduizenden keren subtiel en onbewust bevestigd als de veiligste, meest effectieve manier om contact te maken. Of te checken. Of te repareren. Of te behouden. Op deze manier, met deze sociale micro-interventies, kreeg je de optimale mix van afstand en nabijheid. Om die reden zijn we onbewust erg overtuigd geraakt van onze eigen stijl: het heeft jaren geduurd om dit (onbewust) te ontdekken en (ook onbewust) te ontwikkelen. Zelfs de stille waarnemer is er (ook weer onbewust) diep van overtuigd dat je het best niets kunt zeggen en altijd moet wachten. Elke stijl heeft iets moois. De helper ziet wat de ander nodig heeft. De analist kan helderheid brengen. De grappenmaker maakt het zware wat lichter. Van de stille waarnemer kunnen we leren dat je soms beter niets kunt zeggen. En de mopperaar helpt ons om onze irritaties te verwoorden. Maar een stijl die jou als kind gaandeweg hielp je te verbinden met de ander, kan later in je leven ook ingewikkeld worden als je verbinding zoekt met iemand die een andere verbindingsstijl heeft. Of iemand anders met jou. Soms staan de verbindingsstijlen van twee mensen haaks op elkaar. Dan ontstaat er een ongelijke dans. Jouw micro-interventies, jouw bewegingen, sluiten niet aan bij de bewegingen van de ander en de micro-interventies die de ander ondertussen probeert te doen. Dan is er geen 'sync'. Je werkt elkaar onbewust juist tegen. De ongelijke dans Dat merk je bijvoorbeeld wanneer je als analist verbinding zoekt, check of herstelt met een harmonisator. Als analist ervaar je een goed, licht schurend gesprek als nabijheid. Samen denken, elkaar bevragen, aanscherpen, tot de waarheid helderder wordt. Voor jou als analist is dit een uiting van zorg of liefde: ik neem jou echt serieus, dus ik denk diep met je mee. Als analist zoek je (onbewust) naar intellectuele wederkerigheid. Dat is 'contact', heb je vroeg geleerd. Dit soort gesprekken laat in de cockpit van je binnenwereld een groen lampje branden. Maar de harmonisator kan datzelfde gesprek met jou totaal anders beleven. Die voelt niet zozeer de inhoud, als wel de spanning, de toonzetting en de verschillende perspectieven. Word ik echt begrepen? Voelt de ander zich door mij begrepen? Verwacht de ander nu iets van mij? Mag ik tegenspreken zonder dat dit de verbinding beschadigt? Dus de harmonisator glimlacht, knikt, verzacht en beweegt mee. Niet omdat hij het overal mee eens is, maar omdat veiligheid, respect en emotionele wederkerigheid voor de harmonisator veel belangrijker zijn dan argumentatie, samen sparren of waarheidsvinding. Intellectueel schurend sparren laat bij de harmonisator juist een rood lampje branden in de innerlijke cockpit. Zo ontstaat de ongelijke dans. De een denkt: we komen dichterbij. De ander voelt: ik raak mezelf kwijt. De een zoekt waarheid. De ander zoekt harmonie. Ze doen allebei hun best om verbinding te maken, maar maken daarbij andere 'bewegingen' die niet synchroon in elkaar overlopen. Ze werken elkaar tegen. Een ander soort ongelijke dans kan ontstaan tussen een helper en een probleemdrager. Op het eerste gezicht lijken hun stijlen prachtig op elkaar aan te sluiten. De probleemdrager komt met nood, strijd of verwarring. De helper komt met aandacht, zorg en oplossingen. Allebei voelen ze: dit is verbinding. Jij hebt mij nodig en ik kan iets voor jou betekenen. Maar juist omdat de stijlen zo goed op elkaar passen, kunnen ze elkaar ook gevangen gaan houden. De druk op de helper om het probleem van de ander op te lossen wordt steeds groter. En de druk op de probleemdrager om telkens weer een nieuw probleem voor te leggen, wordt ongemerkt ook groter. Want zonder probleem lijkt de ingang tot nabijheid even kwijt. Zo kan de probleemdrager, hoe vreemd dat misschien klinkt, door problemen te blijven brengen óók voor de helper zorgen. Want zolang er iets op te lossen valt, heeft de helper een plek. Dan is helpen geen vrije keuze meer, maar een strik. En nood geen eerlijke vraag meer, maar een toegangsbewijs tot contact. De helper raakt uitgeput. De probleemdrager blijft afhankelijk. En allebei kunnen ze denken dat ze verbinding maken, terwijl ze vooral elkaars veilige pad bevestigen. Het veilige pad van de ander leren zien Hoe kwetsbaarder de onderwerpen die je met iemand bespreekt en hoe vertrouwelijker je met iemand omgaat, hoe groter de impact van een ongelijke dans in verbindingsstijlen. En hoe onveiliger je gehecht bent, hoe meer paniek, verlatingsangst of verwarring een ongelijke dans kan geven. En ook: hoe introverter, empathischer en gevoeliger je zelf bent, hoe meer pijn of spanning je voelt als de verbindingsstijlen niet synchroon lopen. Volwassen verbinding in relationeel complexe situaties (crises, huwelijksproblemen, verstoorde werkrelaties, etc.) vraagt daarom veel zelfreflectie en bewustwording van je eigen verbindingsstijl. Niet: zo ben ik nu eenmaal en hier moet je het maar mee doen. Maar: zo heb ik geleerd dichtbij te blijven en zo heb ik geleerd de verbinding te herstellen. En dit beleef ik als nabijheid en dat beleef ik juist als afstand. En ik wil er voor open staan dat jouw irritante of voor mij ongepaste tegenbewegingen misschien wel jouw beste poging zijn om veilig contact met mij te leggen. Dat kan ik op zijn minst proberen te zien, te begrijpen en te waarderen. Dan hoeft de prater niet opeens te stoppen met praten, maar mag hij wel leren luisteren naar de taal en de verbindingsstijl van de stille waarnemer of de harmonisator. De helper hoeft niet te stoppen met zorgen, maar mag wel wat de ander geeft leren ontvangen. De harmonisator hoeft zijn inzet voor harmonie niet op te geven, maar mag ontdekken dat echte vrede niet ontstaat als je zelf steeds moet verdwijnen. En de analist hoeft zijn scherpte niet op te geven, maar mag leren dat gelijk krijgen iets anders is dan iemand bereiken. Het geeft hopelijk wat rust als je aan de hand van deze inzichten kunt begrijpen wat er soms mis gaat in de verbinding. Een verbindingsstijl is niet goed of fout. Het is je meest vertrouwde, veilige en snelste weg naar verbinding. Maar volwassen worden betekent misschien beseffen en steeds meer leren zien dat anderen een ander vertrouwd paadje hebben ontdekt. Soms wacht de ander niet aan het einde van mijn vertrouwde paadje. Soms verschijnt hij pas waar ik het veilige pad van de ander begin te zien, te begrijpen en te respecteren. Ik hoop dat mijn waarneming en mijn verwoording daarvan je mag helpen om in die ene belangrijke situatie met jezelf en met de ander in verbinding te blijven. Of de verbinding te herstellen. Of die ander iets beter te begrijpen. Of jezelf ... dat kan ook erg helpend zijn!
Disclaimer: dit is geen gevalideerd wetenschappelijk model en ook geen diagnostische indeling. Het is mijn eigen praktijktaal voor iets wat ik in de loop van de jaren vaak ben gaan zien. Voor zover mij bekend bestaat er geen psychologisch model dat precies deze naam, indeling en invalshoek gebruikt. Tegelijk raakt het natuurlijk aan bekende ideeën uit de hechtingstheorie, systeemtherapie, schematherapie en vooral aan het werk van Virginia Satir over communicatiestijlen onder spanning. Zie het dus niet als een etiket, maar als een uitnodiging tot zelfonderzoek: hoe heb jij geleerd om verbinding te zoeken wanneer nabijheid belangrijk of spannend wordt?
Vragen voor zelfreflectie
0 Opmerkingen
Laat een antwoord achter. |
Waarom schrijf ik?Ik schrijf over de verschillen tussen karakters, binnenwerelden en innerlijke talen. Omdat ik geloof in respect voor de ander die anders is. En in luisteren naar die ander zonder oordeel.
Ik schrijf omdat ik zie dat polarisatie, oordeel, wantrouwen, verwijdering, vijandschap, eenzaamheid, onbegrip en karikatuurvorming zoveel kapot maakt. Het zit blijkbaar in ons. In mij. In jou. Ik schrijf omdat eerlijke liefdevolle en zoekende woorden een wapen zijn tegen ontwrichting, eenzaamheid, zonde, leugens en verbittering. Ik schrijf omdat we allemaal ongelofelijk complex zijn. Onze eigen binnenwerelden zijn vergelijkbaar met afzonderlijke universums. We kunnen onszelf en de ander nooit helemaal begrijpen. Maar wel steeds meer respecteren. Respect en naastenliefde is niet ingewikkeld. Het is een grondhouding. Maar die grondhouding kan je wel alles kosten. Ik schrijf niet omdat ik veel meen te weten of een voorbeeld ben. Verre van dat. Ik schrijf juist omdat ik zoveel niet weet, maar wel al tientallen jaren zoek en blijf zoeken hoe ik kán weten en wellicht daarmee een klein voorbeeld mag zijn. Al was het maar in het omgaan met fouten, pijn en strijd. Ik schrijf voor jou, wanneer je jezelf niet meer herkent in deze wereld en in de mensen om je heen. Dat is gruwelijk eng. Je bent niet gek. Ik bid dat er iets tussen mijn schrijfsels zit waar je wél iets in herkent van jezelf. Of dat jou helpt om oordeel los te laten. Vooral over jezelf. Ik schrijf omdat er altijd hoop fluistert. Altijd. Echt. Het vraagt oefening om het te horen. Ik hoor het soms ook niet meer. Dan ga ik schrijven ... herschrijven, zoeken naar woorden die 'kloppen'. Ik schrijf ook omdat ik zonder schrijven simpelweg zou stikken. Ik kan eigenlijk niet anders. Vergeef me. Je neemt me het meest serieus als je me niet té letterlijk serieus neemt. Mijn zinnen zijn slechts pogingen om één bepaald perspectief te schilderen in woorden. Tussen duizenden andere waardevolle perspectieven. En voor iedereen die ook schrijft of schildert: blijf schrijven. Blijf alsjeblieft schilderen. Zo blijf je leven. Archieven
Mei 2026
CategorieënAlles Autisme Autonomie Big Five Borderline Chronisch Psychisch Lijden Diagnostiek Diagnostische Dwaling DSM V Empathie Evangelie Geloof Gevoeligheid Herkenning Hertraumatisering Informatie Voor Naasten Johnny Cash Langdurige Problematiek Levensfasen Liefdesverdriet Lijden Mentale Gezondheid Misdiagnose Muziek Onmogelijke Keuzes Persoonlijk Psychologie Psychopathologie Relationele Ontwrichting Songteksten Stress Therapeutische Klik Therapiematch Trauma Vriendschap Zelfreflectie |
Wil je meer weten over mijn werk als psycholoog, schrijver of muzikant? Kijk dan op één van mijn websites.

RSS-feed