|
[In bewerking. Versie 11-3-2026 21.00] Ik kom op social media steeds meer posts tegen met nogal ferme taal over pleasen: pleasen is egoïsme. Pleasen is controle. Pleasen is manipulatie. Pleasen is angst. Pleasen is aanpassing. Pleasen komt voort uit trauma. Pleasen is een teken van onvolwassenheid, narcisme, co-dependency en nog een hele rits onprettige psychologische termen die je liever niet opgeplakt krijgt. Volgens deze posts en theorieën (sommige met een onmiskenbaar hoog AI-gehalte) is autonomie de oplossing: de bewustwording van je 'ik', je 'zelf', je 'bestaansrecht', je grenzen. Niet het gevoel van de ander bepaalt meer of iets goed of fout is, maar jouw gevoel bepaalt dat. Het is hot, trendy, populair en in lijn met onze tijdgeest om pleasen als iets negatiefs neer te zetten waar iedereen vanaf geholpen zou moeten worden. 'Schaam je als je in 2026 nog steeds mensen aan het pleasen bent.' Ik val maar even met de deur in huis: ik ben er een beetje klaar mee. Ik ben een pleaser. En daar ben ik trots op. Ik hou van pleasers. En deze tekst is geen AI, maar 100% Matthijs. Woord voor woord. Even lekker tegen de stroom in ;-). Een pleaser die even zijn tanden laat zien. Pleasers houden van harmonie. Ze zoeken naar harmonie; ze bewaken harmonie. Net als muzikanten. En dat ben ik toevallig ook. En ja: af en toe een een zorgvuldig gekozen dissonante toon als overgang naar een volgend akkoord is ook nodig. Zonder de spanning tussen wringende tonen wordt muziek saai en mis je het gevoel van verwachting of het verlangen naar het volgende akkoord. Of het gevoel van van 'thuiskomen' in het basisakkoord. Maar muziek draait ten diepste maar om één ding: harmonie. Zelfs de meeste ruige heavy-metal gitarist stemt heel zorgvuldig en precies zijn gitaar voor hij gaat spelen. Elk muziekstuk is een spannend verhaal van meerdere tonen, instrumenten of melodielijnen die met elkaar in een bepaald ritme dansen, wringen, soms vechten, om uiteindelijk elkaar te vinden in die unieke harmonie. In een rustig, vredig of juist krachtig slotakkoord. Daarna wordt het stil. Of barst er een bevrijdend applaus los. Ik hou niet alleen van harmonie, ik geloof ook in harmonie. We zijn gemaakt voor harmonie. En uiteindelijk smachten we allemaal naar harmonie. Ik heb in de afgelopen 58 jaar een hoop mensen zien sterven. Zowel mensen die daar naar verlangden als mensen die er bang voor waren. Ik heb naar hen geluisterd, met hen meegezocht naar wat 'loslaten', 'vasthouden', 'koesteren' en 'in je hart meedragen' nou echt betekent als het leven jou loslaat. Woorden die zo makkelijk gezegd worden met een impliciet oordeel of een pijnlijk ongepast advies er in. Maar wat is 'loslaten' als je gezondheid jou loslaat? En wat is 'vasthouden' als niemand weet of begrijpt waar je je aan probeert vast te houden? Of als mensen om je heen een negatief oordeel hebben over dat wat je als hoop, als houvast koestert en met je meedraagt? Ik heb niemand in zijn laatste momenten horen zeggen: 'Had ik maar beter voor mezelf gezorgd', of: 'Was ik maar assertiever geweest' of: 'Had ik maar meer aan mezelf gedacht'. Dat wil niet zeggen dat dit nooit gebeurt. In ieder geval heb ik het nooit meegemaakt. En dat zegt me iets. En daarom deel ik dit hier met jou. Op het allerlaatst, op de grens van leven en dood, zie ik mensen zoeken naar harmonie. Harmonie met de ander. Harmonie met de mensen die tijdens hun levensreis een plek in hun hart hebben gekregen. Zelfs harmonie met degenen die hen pijn hebben gedaan. Het zal niet toevallig zijn dat in de hospices waar ik kwam, de vrijwilligers bijna allemaal 'pleasers' waren: empathische, altruïstische, lieve mensen voor wie niets te veel is. Ze creëerden een atmosfeer van harmonie die bijdroeg aan dat laatste harmonieuze slotakkoord van iemands leven. Als het regende werden zij de paraplu. Was er een onoverkoombare woeste rivier, dan werden zij de brug. De 'bridge over troubled water'. En het is ook niet toevallig dat de mensen die mij een appje stuurden als ze wisten dat ik naar een hospice ging, allemaal zonder twijfel in de categorie 'pleasers' passen. Ze stuurden een lied wat in hen opkwam als ze aan mij of de stervende dachten. Zelfs als ze die persoon niet kenden. Een gedicht dat hen raakte. Een gebed. Dankjewel nog. Je bent een zegen. Het meest verdrietige dat ik heb gezien is sterven zonder harmonie. Los moeten laten zonder dat er vrede, harmonie tussen jou zelf en de ander is ontstaan. Dan is 'loslaten' een pijnlijke, bittere strijd. Dan wordt 'loslaten' eigenlijk 'opgeven'; aanvaarden dat het slotakkoord van je leven of van een relatie lelijk en vals is geworden. Of juist 'vasthouden' aan je eigen gelijk tot aan je laatste snik. Het is allebei pijn in je ziel die je afscheidsblik op het leven vertroebelt. Dan is morfine soms nog de enige manier om de dissonante tonen naar de achtergrond te drukken in het slotakkoord. Dat gun ik echt niemand. Ik hoop dat jij en ik in vrede mogen sterven. In harmonie. Dat het goed is tussen jou en de mensen die veel voor je betekenen. Er bestaan aan het eind van je leven, in het slotakkoord, geen mensen die veel voor je 'hebben betekend' heb ik ontdekt. Er bestaan alleen mensen die veel voor je 'betekenen'. Mijn oma die al lang geleden overleden is, is niet iemand die iets 'heeft betekend' in mijn leven, zij is iemand die 'iets betekent'. Dat blijft. Denk daar maar eens rustig (en kritisch) over na. Ik zal altijd vechten voor harmonie met de mensen die iets voor mij betekenen zolang als we nog met elkaar leven. Dat kan ook als je elkaar maar één keer per vijf jaar spreekt. Als vader moeten sterven terwijl je geen contact meer hebt met je eigen kind ... dat is voor mij als pleaser een stuk van de hel. Ik voel, denk, zoek en vecht met je mee naar harmonie. Als zus moeten sterven terwijl je broer rauw weggescheurd is uit je leven ... ik heb er geen woorden voor. Zeker als dat door toedoen van anderen is ontstaan. Of door niet meer te herleiden misverstanden waardoor je op het laatst elkaars taal niet meer sprak. Of nog erger: niet meer mocht spreken. Of wanneer je door juridisering van conflicten ongewenst lijnrecht tegenover elkaar bent komen te staan. Je werd meegesleept door de impulsieve rechtlijnige acties van iemand die zelf bepaald geen pleaser is. En meestal door een combinatie van al deze dingen. Allemaal pijn ... en mogelijk dissonante klanken in het slotakkoord van jouw levensmuziek. Ik hou van pleasers. Ik wil een pleaser zijn. Ik wil degene zijn die zich in allerlei bochten wringt om het goed te maken. Om rekening te houden met het gevoel van de ander. Om me af te stemmen op de behoeften van de ander. Niet omdat ik bang ben voor afwijzing. Niet omdat ik iets ongezonds koester. Niet omdat ik niet weet wie ik ben of waar ik voor sta. Niet uit verborgen egoïsme of narcisme voor zover ik me zelf ken. Niet omdat ik zelf geen grenzen heb of voel. En ook niet omdat ik naïef ben en de gevaren of ongezonde kanten van pleasen niet zie. Ik ben een pleaser omdat ik weet waar ik voor sta en omdat ik weet wie ik ben. En waar ik in geloof. En waar ik me aan toewijd. Ik zal altijd vechten voor het harmonieuze slotakkoord in het leven. Dat is de leeuw in mij. Het lammetje in mij is bereid zich op te offeren. Soms meer dan verstandig lijkt. En misschien soms ook meer dan verstandig is. Laat me. Dat is mijn keuze. De leeuw in mij gromt en gaat beschermend voor dit lammetje liggen. En voor de lammetjes in mijn geliefden. Daar stel ik de grens. Moet iedereen een pleaser worden? Nee. Zijn pleasers betere mensen? Zeker weten van niet. Is pleasen alleen maar goed en gezond? Nee. Is pleasen altijd helpend? Nee. Is pleasen altijd naastenliefde? Nee. Maar bedenk even hoe jouw werkrelaties, jouw familiebanden, jouw vriendschappen, jouw levensfasen, jouw beslissende momenten of jouw kerkelijke samenkomsten er uit hadden gezien zonder de tact, de aanpassing, de voorzichtigheid, de meegaandheid, de empathie en de zorg van pleasers om je heen. En hoe de wereld er uit had gezien als er geen mensen waren geweest die zichzelf soms te veel opofferen voor de ander. Ik kan je verzekeren: in zo'n wereld zou je niet willen leven. Laat staan sterven ... Als ik het goed heb verwoord en als je met je hart leest, voel je vast het pleasende lammetje in mij. Maar zie je hopelijk ook de vastberaden leeuw in mij die zijn tanden laat zien. En overeind gaat staan als iemand pleasers onzeker wil maken over hun motieven. Stay away from me als je vanuit je eigen pijn, impulsen of bitterheid dissonantie of een disharmonieus slotakkoord creëert in andermans leven. Dan ga je over mijn grens. Stop. Niet doen. Als je het heel bewust toch doet val ik je aan, desnoods met gevaar voor mijn eigen leven. Maar luister goed: ik val je niet aan met verbaal geweld of agressie. Ik val je aan met de wapens van pleasers: liefde, vergeving, begrip, eerlijkheid, zorg, empathie, respect, hoop, medeleven, gebed, verbondenheid, vertrouwen, warmte, troost, bemoediging, een gedicht, een tekst, een lied, een schilderij. Dit zijn ongelofelijk krachtige wapens. Dat zul je merken. Je gaat eraan. En als je onbewust valse slotakkoorden creëert in andermans laat ik je schrikken. Zodat je wakker wordt. Blijf van de pleasers, de bemoedigers, de troosters en van de vredestichters af. Laat hen. Ga weg. Als je aan hen of aan onze harmonie komt, kom je aan mij. Waag het niet. - Matthijs Goedegebuure [Ik hoop in de toekomst verder te mogen schrijven over:
Een pleidooi voor pleasers die in relaties en samenwerking voor harmonie, empathie, bemoediging, troost, tact en veiligheid zorgen, zonder de gevaren van pleasen en van dit unieke talent te bagatelliseren. ]
0 Opmerkingen
Oftewel: elke psycholoog heeft zijn eigen psychologie. Dat is zowel krachtig als gevaarlijk. [In bewerking. Versie 14-12-2025 00.55] In de klinische psychologie wemelt het van de modellen en methodieken. Denk aan cognitieve gedragstherapie, schematherapie, EMDR, mentalization based treatment, Acceptance and Commitment Therapy, systeemtherapie, contextuele therapie en noem maar op. De overzichten variëren van honderden tot meer dan duizend modellen. Elk model heeft een ander perspectief op onze binnenwereld en onze psyche: de ene is vooral gericht op klachten en symptomen, de andere meer op denkpatronen, de volgende op relaties, weer een andere op identiteit of geloof. Biologisch, sociaal, psychologisch, psychodynamisch, filosofisch, fenomenologisch, praktisch, medisch, biopsychosociaal, hormonaal, ... het is bijna eindeloos. Elk van deze modellen heeft een eigen begrippenkader (‘taal’) en ook een eigen verklaring (‘verhaal’) voor mentale fenomenen als stemming, spanning, ontwikkeling, groei, fasen, hindernissen en hulp. Geen van deze modellen heeft de psychologische waarheid in pacht. Zowel de hoeveelheid modellen als de tegenstrijdigheid in hun verklaringen voor mentale problemen zegt al genoeg; het zijn sterke vereenvoudigingen van onze complexe binnenwereld. De een past beter bij een bepaalde cliënt, bij bepaalde problematiek, een therapeutisch proces of in een bepaalde levensfase dan de ander. De vraag is niet welke aanpak wetenschappelijk het best onderbouwd is (allemaal niet heel sterk) of welke theorie het meest lijkt te kloppen, maar welke manier van kijken het best aansluit bij dit verhaal, deze geschiedenis, en deze persoon in deze fase. Wat maakt een behandeltraject tot een 'goede therapie'? Goede therapie is niet een grabbelton van slimme interventies en technieken, maar vooral een steeds terugkerend, herkenbaar kader waarbinnen emoties, problemen, klachten, processen en adviezen geplaatst worden. Een therapeut die trouw blijft aan een zorgvuldig gekozen kader en daarbinnen flexibel is, biedt ordening, voorspelbaarheid en rust. De taal, de gebruikte begrippen, de metaforen en de manier van werken sluiten dan op elkaar aan en blijven herkenbaar voor de cliënt. Een goede therapeut weet nieuwe issues, ontmoedigingen en worstelingen hanteerbaar te maken door ze steeds te linken aan het inmiddels vertrouwde model. Dat geeft een cliënt met langer bestaande ernstige klachten houvast. Een herkenbaar, steeds terugkerend model zorgt bij complexe psychische problemen voor een centraal vertrekpunt. Een veilig ankerpunt in de soms wrede en hatelijke innerlijke conflicten in iemands binnenwereld. Dat model moet niet te abstract, niet te complex, maar ook weer niet te simplistisch zijn. Op zijn best is het zowel verklarend voor diepgevoelde innerlijke strijd, als ook praktisch toepasbaar in het dagelijks leven. Hoe complexer de problematiek, en hoe meer er al geprobeerd is, hoe belangrijker een 'maatwerk' model is: verweven met begrippen, namen, ervaringen, denk- en werkstijlen van de cliënt. Ideaal gesproken sluit het ook aan bij iemands natuurlijke 'taal': een manier van praten en betekenis geven die vertrouwd is. Uit onderzoek weten we dat behandelingen beter werken als therapeuten doen waar ze in getraind zijn, hun werkmodel serieus nemen en het niet steeds halverwege omgooien. Consistentie in taal en werkwijze en een veilige werkrelatie zijn waarschijnlijk belangrijker dan het nieuwste theoretische model of het laatste protocol. De keuze voor een bepaald model of een bepaalde benadering impliceert dat je je als therapeut bewust beperkt. Je belicht een aantal kernthema’s en honderden andere thema’s laat je bewust buiten beschouwing. Dat is wijs want door alles te belichten kun je als cliënt, maar ook als therapeut, compleet de weg kwijt raken. Dan verdwaal je in te veel perspectieven. Maar dat beperken is ook spannend voor elke therapeut omdat die honderden andere zaken die je niet belicht door een medebehandelaar of volgende therapeut als 'juist heel erg belangrijk' kunnen worden gelabeld. Vooral als er na een traject nog steeds klachten zijn. De kracht van beperking Het is voor elke ervaren therapeut, en zelfs ook voor iedere beginnende therapeut, een klein kunstje om een paar nieuwe invalshoeken in te brengen als je een behandeling overneemt. Of een paar zaken te belichten die nog nooit eerder zijn belicht. Omdat er in ieders leven duizenden dingen zijn om te belichten en honderden professionele perspectieven daarop. Er is altijd oneindig veel meer dat niet behandeld is dan wat er wel behandeld is. Het is daarom geen enkel probleem om als professional iets nieuws uit de ‘hoge psychologische hoed’ te toveren; de keuze is vrijwel eindeloos. Ik heb tienduizenden therapiegesprekken met cliënten gevoerd, maar als ik met een collega diepgaand over mijn eigen leven spreek, ontdek ik altijd weer iets nieuws of iets anders dat ik me nog niet eerder had gerealiseerd. Het laat zien hoe wonderlijk, complex en ontzagwekkend groots het leven is, hoe eindeloos veel er te ontdekken is en hoe beperkt alle psychologische modellen zijn. Onze binnenwereld is even wonderbaarlijk als het universum waarin we ons bevinden. We ontdekken steeds iets nieuws en elke nieuwe ontdekking roept ook weer nieuwe vragen op. De kracht van goede therapie is dus niet om alles uitputtend te belichten, maar juist om je te beperken tot die kernthema’s die voor deze client, in deze fase helpend en constructief lijken te zijn voor groei en ontwikkeling. En om dat middels een herkenbaar model te doen dat in de loop van de tijd vertrouwd wordt voor de client. Zodat hij of zij deze 'tools' en 'taal' voor interne krachten, conflicten en processen steeds meer kan integreren in de eigen coping-stijl. Dat is de kracht van professionele beperking. Een therapie hoeft niet ‘compleet’ te zijn; een therapie moet ‘effectief’ zijn: voldoende verklarend en voldoende toepasbaar. Niet meer dan nodig. Niet minder dan noodzakelijk. Iedere therapeut weet hoe ingewikkeld deze balans kan zijn. Daarbij probeer je aan te sluiten bij de denk- en ervaringsstijl van iemands binnenwereld. Een analytisch persoon probeer je iets meer verklaring aan te reiken. Een artistiek persoon iets meer helpende en herkenbare metaforen. Een sociaal, betrokken mens probeer je wat extra begrip en empathie mee te geven. Een rationeel type wat meer informatie. Maar je houdt het zo beperkt en daarmee zo herkenbaar mogelijk. Less is more. Jezelf als therapeut bewust beperken tot deze kernthema’s vraagt lef, overtuiging en geeft veel zorgverleners stiekem de angst om als 'onvolledig', 'te eenzijdig' of 'onprofessioneel' gelabeld te worden door anderen die de behandeling moeten overnemen of er bij betrokken worden. Verwarring door te veel verschillende perspectieven De behandeltrajecten in de GGZ zijn de afgelopen jaren gemiddeld genomen steeds korter geworden en meer modulair ingericht. Mensen worden sneller van de ene naar de andere module doorverwezen, en soms van de ene instelling naar de andere. Daardoor neemt mogelijk het risico op verwarring door verschillende modellen en benaderingen toe. Bij cliënten met langdurige of complexe problematiek kan dan bijvoorbeeld het volgende gebeuren:
Iedereen bedoelt het goed; daar is geen twijfel over. En ieder model is waardevol. Maar voor de cliënt kan het voelen alsof zijn of haar verhaal steeds uit elkaar getrokken wordt en er steeds andere verklaringen en adviezen zijn. De (onbedoelde) verborgen boodschap die de cliënt hoort is: je hebt jezelf weer niet goed begrepen, je bent opnieuw weer niet goed beoordeeld, niemand begrijpt jou, je bent een lastig geval, je moet weer opnieuw beginnen. Diepe paniek, zelfvervreemding en een diep gevoel van verlorenheid in het bestaan. Voor mensen met een onveilige hechtingsgeschiedenis en langdurige behandeling is dit gevaarlijk en kan tot diepe wanhoop, existentiële verwarring, angst en zelfs suïcidaliteit leiden. Zij scannen vanuit diepe onveiligheid voortdurend op afwijzing, onvoorspelbaarheid en dubbelzinnigheid in relaties. Een plotselinge verandering van taal en kader in de therapie kan bij hen voelen als: de vorige keuze was fout, mijn gevoel klopte blijkbaar niet, mijn vorige therapeut koos het verkeerde pad, ik heb het niet goed uitgelegd. De therapeutische ontwikkeling valt dan in tegenstrijdige fragmenten uit elkaar. Dat kan een herhaling worden van oude ervaringen van niet gezien, niet begrepen, verlaten, verwaarloosd benadeeld of zelfs misbruikt worden. Het gevaar van modelconcurrentie Therapeuten staan aan het begin van een traject (soms onbewust) voor de uitdaging om hun client te overtuigen van de toegevoegde waarde van therapiegesprekken. Dat is niet altijd eenvoudig. Het is verleidelijk om de beperking van een voorgaand traject in te zetten als een argument voor dit traject en je eigen model als een toch iets beter model te presenteren. Op die manier creëren we een soort concurrentie tussen onze werkwijzen of therapeutische scholen. Het klinkt dan ongeveer zo:
Of we doen het nog subtieler: het hele model of kader waar de cliënt mee gewerkt heeft en de taal die ontwikkeld is verdwijnt naar de achtergrond, er wordt nauwelijks naar gevraagd en er wordt ongevraagd een totaal nieuwe manier van kijken neergezet. Voor ons als professionals misschien een interessante therapeutische en diagnostische puzzel en een frisse start, voor onze een cliënt met complexe, langdurige problematiek een volgende traumatische breukervaring. Soms doen we dit uit enthousiasme voor een favoriet psychologisch model dat als superieur wordt gezien, soms uit onwetendheid over andere behandelmodellen. Dit is het gevaar van 'modeldominantie': ons eigen vertrouwde model 'domineert' alle andere modellen en benaderingen. In de psychologie is dat gevaar mijns inziens veel groter dan in medische vakgebieden zoals cardiologie, chirurgie, etc. Dat is omdat er in de medische wetenschap per periode in de geschiedenis meestal één stroming is die het debat bepaalt met een bepaald model. In de psychologie zijn er altijd meerdere stromingen naast elkaar met ieder hun eigen model voor verklaring en behandeling. Als je een kwetsbare cliënt zonder zorgvuldige brug van het ene naar het andere model stuurt, kun je ernstige en zelfs blijvende schade aanrichten. Dan gaat het niet alleen over psychologische interventies en methodieken, maar over alles wat jarenlang vertrouwen, hoop, houvast, veiligheid, eigen taal en waardigheid heeft gegeven. De onveilige wereld wordt daarmee nog onveiliger en de cliënt is terug bij af, of zelfs dieper weggezakt dan ooit. Therapeuten met enkele jaren werkervaring lopen misschien een iets grotere kans op deze fout dan de echte beginners of juist zeer ervaren therapeuten. Laten we even denken in 'beginners', 'gevorderden' en 'experts'.
Als je begint, maar ook als je jaren lang in dit vak hebt gewerkt, heb je meer ontzag voor de complex psychologische werkelijkheid, ben je je beter bewust van de beperkingen van je eigen kennis en je eigen modellen en respectvoller naar het werk van collega's. Het is in die 'tussenfase' na enkele jaren werkervaring dat onze 'eigenwijsheid' het grootst is en onze corrigeerbaarheid het laagst. Daar staat tegenover dat ervaren therapeuten het soms lastiger vinden om zich te beperken tot de kern. Hun nuance en ervaring kan ongemerkt leiden tot te veel verbreding, te veel modellen die door elkaar gaan lopen, waardoor de therapie voor een client diffuser, waziger en minder effectief wordt. Aan de andere kant: de stelligheid en modeldominantie van de 'gevorderde', dus tussen de 'beginner' en 'expert' in, kan onzekere cliënten ook juist veel houvast en helderheid bieden. Wat elke volgende therapeut zou moeten doen Als je een cliënt overneemt van een collega, zeker in deze tijd van kortdurende en modulaire zorg, vraagt dat een hoge mate van vakmanschap en professionele bescheidenheid. In mijn ogen hoort daar minstens bij:
Je hoeft de vorige behandeling niet te idealiseren. Elke behandeling is immers beperkt en elke therapeut mist zaken en maakt fouten. Maar het kan zeker schadelijk zijn om een voorgaande behandeling achteloos weg te zetten. De cliënt heeft daar vaak moed verzameld, woorden en veiligheid gevonden voor schaamte en pijn, misschien voor het eerst iets van betekenis en houvast ervaren midden in wanhoop en verwarring. Als we dat zomaar terzijde schuiven, raken we meer dan slechts een visie, een model of een behandelplan. Het kan tot een diepgaande existentiële crises en suïcidaliteit leiden omdat een moeizaam verworven houvast ineens uit handen getrokken wordt. Zowel iemands zelfvertrouwen als het vertrouwen in hulpverlening kan daarmee zwaar beschadigd raken. Dit is een ernstige vorm van hertraumatisering. Mijn beste suggestie voor behandelaars Als therapeuten willen we graag iets toevoegen. Dat is mooi en vaak ook gewenst en nodig. Maar misschien begint goed hulpverlenerschap niet bij laten zien wat ik anders doe, of wat de vorige therapeut miste, maar bij eren en recht doen aan wat er al met zoveel moeite is opgebouwd of minstens geprobeerd. Vanuit de wetenschap weten we dat een betrouwbare relatie, een duidelijk kader en een consistente, herkenbare lijn cruciale werkzame factoren zijn. En vanuit het besef dat echte verandering langzaam groeit in een bedding van voorzichtigheid, trouw en herkenbaarheid, niet in steeds weer een nieuwe vorm. Een volgende therapeut die zorgvuldig verder bouwt op wat anderen met de cliënt hebben opgebouwd, geeft iets heel kostbaars mee: continuïteit. Respect. Vertrouwen in anderen. Vertrouwen in de eigen visie van de cliënt en het eigen narratief. Dat is als therapeut geen verlies van je eigen stijl of expertise, het is professioneel aansluiten bij het goede dat de cliënt zelf met anderen heeft opgebouwd. Zodat wat goed was ook goed blijft en er meer goeds aan toegevoegd kan worden. Dat helpt! Dat is mijn eerlijke gedachte hierover en mijn beste advies. Wat als je veel wisselende behandelaars hebt?
Voor iedereen die door omstandigheden in de loop der jaren meerdere of wisselende behandelaars heeft: blijf altijd zelf kritisch nadenken over de adviezen van elke (vorige en volgende) therapeut. Je hebt inmiddels veel ervaring met je eigen proces, met therapie en met behandelaars, dus je hebt er echt iets over te zeggen! Besef dat iedere behandelaar (en überhaupt elk medemens van je) slechts een stukje van jou ziet. Meestal datgene waar ze zelf in gespecialiseerd zijn. Dat is misschien 3, 4 of 5 procent van wie je bent. Besef dat ze hun beeld vormen op basis van wat zij nu zien. Jij alleen weet waar je al doorheen bent gegaan. Ga voor jezelf na:
Door jezelf dit soort vragen te stellen en je gedachten hierover ook aan je huidige therapeut voor te leggen, blijf je zelf de regie houden. Wat mij betreft één van de belangrijkste elementen in elke therapeutische relatie: jij bent als cliënt de baas over de onderwerpen die je bespreekt, over jouw doelen, over jouw behoeften, jouw grenzen en over de tijd en de energie die je in een traject steekt. Jij alleen bepaalt hoe lang je hier nog mee door wil gaan. Het gaat meestal mis wanneer wij als behandelaars of verwijzers te bepalend gaan worden; dat is overigens soms ook uit oprechte zorg, betrokkenheid en medeleven. Helaas soms ook wel eens uit te voorbarige of stellige overtuigingen over jouw problematiek of je voorgaande trajecten. Geef je nieuwe therapeut natuurlijk ook een kans. Het fijne en helpende van een nieuwe behandelaar is een frisse blik, een ander perspectief, nieuwe vragen, nieuwe inzichten. Het kan zomaar zijn dat iets wat een paar jaar geleden (nog) niet werkte, nu wel werkt. Een nieuwe therapeut kan soms juist beter aansluiten bij waar je nu bent dan een vorige therapeut omdat die na een intensief traject met jou per definitie ook in een bepaald patroon is terechtgekomen inclusief de blinde vlekken die daar bij horen. Als het mogelijk is: breng je voorgaande en huidige therapeut met elkaar in contact of vraag om een overleg/overdracht met beiden waar je zelf bij bent. En als dat niet lukt en je het na alle uiteenlopende adviezen allemaal niet meer weet of begrijpt, voel je met al je levenservaring diep van binnen nog steeds wat goed was en is. Ook dat is een betrouwbaar kompas. Twijfel daar nooit aan 👊! Ik wens je veel sterkte, vrede en ruimte en vrijheid in je geweten om op je eigen mening te durven staan en je eigen behoeften voor jezelf helder te houden. 3/5/2025 0 Opmerkingen De taal van je hart. Waarom jij geraakt wordt door iets wat de ander koud laat.Over de pijn en de schoonheid van onze verschillen – en waarom ze ons van elkaar verwijderen of juist verbinden. [Laatst bewerkt 31-5-2025 16.25] Sommigen van ons herkennen het wel: die momenten waarop je geraakt wordt tot in je diepste vezels, en je niet goed kunt uitleggen waarom. Een zin in een lied. Een blik die iemand je toewerpt. Een hug. Afwijzing. Een boze blik. Een uitleg. Een beeld. Een tekst op een kaart. Een ontmoeting. Afstand. Stilte. Het raakt iets diep binnen in je, het schudt iets in je wakker, het ontroert je, het doet pijn of neemt je ineens mee terug in de tijd. En dan zie je dat anderen (vrienden, broers, zussen, collega’s) het niet eens opmerken. Het lijkt ze totaal niets te doen. En het omgekeerde gebeurt ook: zij kunnen zich druk maken of gekwetst voelen door dingen die jou werkelijk niets doen. Niet iedereen herkent dit. Als je dit niet herkent is dit artikel misschien minder interessant voor je. Als je het wel herkent, of als je dit bij iemand naast je herkent, is wat er volgt vast interessant. Waarom raakt hetzelfde leven ons zo verschillend? Hoe kom dat? Meestal, ook in de psychologie en de GGZ, wordt dit gekoppeld aan trauma’s, wonden in onze ziel, fawning, sociale fobie, allerlei diagnosen, autisme, borderline, etc. Maar er is veel meer dan dat. Het heeft ook te maken met welk menstype je bent en de ‘taal van je hart’. Niet alle pijnlijke of intense emoties komen voort uit ‘stoornissen’ waar de taal van de GGZ mee is doorspekt. Het zegt ook iets over je unieke gezonde, sterke kant. Geraakt worden is persoonlijk De afgelopen dertig jaar heb ik veel mensen mogen spreken over hun diepste pijn. Wat mij steeds weer raakt is dit: we hebben allemaal onze eigen 'eenzame' kracht en 'eenzame' kwetsbaarheid. Naast onze geschiedenis, wonden, pijn, geheimen, verdriet en ervaringen, hebben we allemaal ook een unieke manier van waarnemen, interpreteren en voelen. Sommige mensen zien snel symmetrie of structuur in dingen, anderen zijn gevoelig voor feiten en rechtvaardigheid. Andere mensen denken in beelden, symboliek, metaforen, schoonheid en betekenis. Weer anderen zijn alert op communicatiestijlen, op relationele processen, op bevestiging, of juist op onafhankelijkheid en autonomie. We zien niet allemaal hetzelfde met de ogen van ons hart en we spreken niet allemaal dezelfde hartstaal in onze binnenwereld. En dat maakt uit, enorm zelfs, voor wat ons raakt. En hoe we reageren als we geraakt worden. En wat ons dan helpt. Of wat juist niet ... Je eigen taal leren herkennen Voor sommige mensen is het bijna vanzelfsprekend: ze verwoorden makkelijk wat ze voelen, wat hen raakt, wat hen ontroert of wat hen pijn doet. Maar voor veel anderen (en opvallend vaak voor artistieke en creatieve geesten, gevoelige mensen met een diepe en soms meer gefragmenteerde dynamische binnenwereld) is het een ingewikkelde zoektocht. Ze voelen veel, intens en diep, maar vinden soms moeilijk de woorden die daar 'recht' aan doen, die uitdrukken wat ze werkelijk voelen. Vaak ook omdat ze veel tegenstrijdige gevoelens hebben. Sommigen hebben zich jarenlang aangepast en hebben zichzelf en hun taal weggecijferd; anderen hebben hun oorspronkelijke hartstaal nooit ontdekt omdat niemand in hun naaste omgeving diezelfde taal sprak. Of omdat niemand hun tegenstrijdigheden begreep en accepteerde. 'Je zei gisteren dit en vandaag dit. Wat is het nu?' Het triggert diepe schuld- en schaamtegevoelens. En eenzaamheid. Het heeft grote impact op je zelfbeeld als jouw taal wordt genegeerd. Het voelt als 'afgekeurd'. Je wilt iets oprechts overbrengen, maar het wordt gezien als aandacht trekken of zelfs als manipulatie. 'Ik voelde me dan echt een domme trut ... ' vertelde iemand mij ooit. Ik heb gezien hoe het kan leiden tot zelfveroordeling, zelfhaat, zelfverminking en zelfs suïcide. Ideaal gesproken zouden we in onze kinder- of tienertijd allemaal de herkenning moeten krijgen van een vertrouwd en betrouwbaar persoon die onze hartstaal spreekt. Of minstens hoort en respecteert. En ons kan helpen om taal te vinden voor de ingewikkelde dynamiek in onszelf: de spanning (en bij sommigen: strijd) tussen de diverse tegengestelde angsten, behoeften, verlangens en schaamtegevoelens in onszelf. Het is niet toevallig dat we in onze tienerjaren zo geraakt worden door liedjes en teksten van artiesten. Ze geven ons de herkenning die we zoeken. Het leven is echter verre van ideaal, dus hebben velen van ons in hun volwassenheid nog een lange, ingewikkelde zoektocht te gaan naar hun eigen taal. Je hebt geluk als je iemand treft die je kan helpen vrede te krijgen met jouw binnenwereld, jouw eigen kleur, jouw unieke leefstijl en jouw hartstaal. De zes 'stijlen' van geraakt-zijn Eén (slechts één!) manier waarop ik soms naar die binnenwerelden en de bijbehorende talen kijk, is via het RIASOC-model van Holland. Een model dat zes 'menstypes' beschrijft (met oneindig veel variaties). Oorspronkelijk bedoeld voor beroepskeuze, maar ook best verhelderend voor in de therapeutische praktijk. Elk menstype heeft een eigen gevoeligheid, een eigen vorm van kwetsbaarheid, en dus ook een eigen normale manier waarop verdriet, angst, trauma of emotionele pijn beleefd wordt. Ik hoop meer artikelen te schrijven waarin ik de verschillen tussen mensen vanuit andere psychologische, filosofische en Bijbelse modellen of perspectieven wil belichten, maar in dit artikel doe ik dat eens vanuit het RIASOC model. Laat me je even meenemen in deze zes kleuren van geraakt, gekwetst worden; misschien herken je iets van jezelf hierin. Of van die ander naast je die voor jou soms zo onbegrijpelijk reageert. #1. 'Doeners' en de pijn van machteloosheid Realistische types zijn mensen van de praktijk. Ze werken graag met hun handen, zijn nuchter, vaak taakgericht, oplossingsgericht. Ze verwerken door te doen. Wat hen diep kan raken is machteloosheid. Situaties waarin ze niet konden ingrijpen, waarin ze met hun praktische vaardigheden toch niet het verschil konden maken. Een ongeluk, een ziekte, een kind dat ze niet konden beschermen, hun ouderdomsbeperkingen. Hun trauma zit vaak niet in het grote drama, maar in het falen van hun vermogen om concreet en praktisch te helpen. Dat voelt als verlies van hun identiteit: de 'doener' die niets kon 'doen' en machteloos moest toezien hoe iets pijnlijk misliep. 'Als ik er iets eerder bij was geweest was dit niet gebeurd.' #2. 'Analisten': getriggerd door onnodig lijden Intellectuele types zoeken begrip, logica, verklaringen. Ze willen dingen doorgronden. Wat hen raakt is irrationele chaos en tegenstrijdigheden. Vooral acties of keuzes van anderen waar geen geldige redenen voor zijn, waar geen rationele verklaring of uitleg voor is, treffen hen soms pijnlijk. Zij lijden vooral onder de tegenstrijdige uitspraken en gedragingen van anderen en de impact daarvan op hun leven of van hun naasten. Ze kunnen diep verdriet hebben over 'zinloos' of 'onnodig lijden'. Waarom gedraagt een goede vriend zich zo irrationeel? Waarom luistert mijn dochter niet naar mijn uitleg die toch helder is? Waarom past iemand dit goede, waardevolle advies niet toe? Hun kwetsbaarheid ligt misschien niet primair in hun eigen gevoel, maar in de grillige emoties van anderen die botsten met (voor hen) algemene logica, common sense en gezond verstand. Trauma is voor hen vooral een lastig virus in hun denksysteem of in het denksysteem van de ander. #3. 'Kunstenaars': onbegrepen hartstaal Artistieke types leven op snelle, intuïtieve associaties. Ze voelen intens, spreken in beelden, klanken en kleuren. Wat hen raakt, is niet altijd begrijpelijk voor de buitenwereld. Ze kunnen beschadigd raken door een totaal verkeerde interpretatie van hun expressie, het gevoel niet gezien of begrepen te worden in wat voor hen wezenlijk is. Een ouder die hun fantasie belachelijk maakte. Een partner die hun innerlijke wereld negeerde. Een therapeut die hun expressie of beeldende en verhalende schrijfstijl als extreem of manipulatief heeft gelabeld. Ze zijn gevoelig voor symboliek. Voor hen zijn tegenstrijdige emoties altijd aanwezig; ze ervaren dat in zichzelf, maar zien het ook duidelijk bij anderen. Ook bij doeners en analisten. Trauma zit voor hen niet zozeer in wat er gebeurde, maar in wat het betekende. Vaak kunnen ze daar alleen woorden aan geven via kunst, beelden, muziek of verhalen. Een passende metafoor van een therapeut, een vriend of een spreker waarin de tegenstrijdigheden in één verhaal terugkomen, maakt de verwarrende doolhof voor hen soms weer wat veilig 'kloppend'. Het kan hen helpen als ze dat verhaal in een schilderij, gedicht of tekst weten te 'vangen'. Terwijl doeners en analisten met dat verhaal of die metafoor meestal weinig kunnen. #4. 'Helpers' en de pijn van afwijzing Sociale types leven voor en door relaties, maar ervaren daar ook juist de meeste pijn waardoor ze zich soms terugtrekken. Ze zoeken harmonie, verbinding en bieden graag zorg. Hun wonden zitten in de sfeer van verlating, afwijzing, verbroken relaties of miskenning. Ze kunnen jarenlang worstelen met een opmerking van een leraar, de blik van een ouder of het gevoel buitengesloten te zijn. Wat voor anderen een kleinigheid lijkt, kan voor hen een lelijke allesoverheersende barst zijn in de spiegel van hun leven. Ze verwerken pijn via empathie van anderen, door begrepen en gerespecteerd te worden, door te praten, luisteren en/of schrijven. Zij zullen altijd blijven zoeken naar herstel van de verbinding die verloren is geraakt. Maar als die verbinding uitblijft, blijft er een innerlijke wond. Soms voor de rest van hun leven. Medelijden, verdriet, bezwaarde gevoelens, een onbegrepen gevoel. Dat hoor je terug in hun taal. #5. 'Ondernemers': ondermijnd in hun regie Ondernemende mensen zijn actief, doelgericht, vaak leiders. Hun trauma’s liggen op het snijvlak van controleverlies en mislukking. Niet gehoord worden, niet erkend, een droom die instortte, gezichtsverlies. Of juist: te vroeg verantwoordelijk gemaakt worden. Ze dragen vaak het masker van succes, maar daaronder zit soms het jongetje of meisje dat zich ooit totaal alleen voelde. Ze zijn geneigd hun kwetsuren te compenseren met actie, invloed. Maar heling begint soms pas als ze die actie durven laten rusten. Maar dat zit niet in hun DNA. Ze hebben het nodig om weer iets op te pakken, iets op te bouwen, aan iets te sleutelen. Hun kracht is dat ze altijd iets willen leren van hun fouten. #6. 'Boekhouders' en hun moeite met chaos Conventionele types houden van structuur, voorspelbaarheid, duidelijke regels. Ze vinden veiligheid en houvast in systemen. Wat hen raakt, is ontregeling: plotseling verlies, onrechtvaardigheid, dubbele boodschappen. Een scheiding, ontslag, gezinsgeheimen; het ondermijnt hun vertrouwde kijk op de wereld. Het maakt hun wereld instabiel. Ze verwerken vak dingen via herhaling, via ordening. Maar als hun vertrouwde structuur wegvalt, worden ze angstig en eventueel dwangmatig controlerend. Hun pijn is vaak stil, verborgen onder loyaliteit of discipline. Primaire reacties en talen De eerste primaire reacties op een heftige gebeurtenis zeggen soms al veel over welk menstype je bent en over jouw taal. Hoe reageren mensen bijvoorbeeld als ze horen dat hun broer of zus gaat scheiden:
Of hoe we de onderlinge 'klik' in een relatie beschrijven:
De vervreemding van elkaar Misschien geeft dit wat helpende woorden aan de verschillen tussen jou en mensen om je heen. En maakt het een beetje zichtbaar waarom jij geraakt wordt door iets dat een ander ogenschijnlijk koud laat. Jij spreekt beeldtaal, hij spreekt getallentaal. Jij zoekt betekenis, zij zoekt structuur. Jij voelt je verwond in de verbinding, de ander in zijn autonomie. Jij zoekt naar harmonie en je wilt dat het weer goed komt, maar hij zoekt naar de feiten en naar juridisch recht. En juist daar ontstaan de pijnlijke misverstanden, de botsingen, het gevoel in een andere werkelijkheid te zitten en de vervreemding die dat geeft. De artistieke dochter die zich niet gezien voelt door haar conventionele vader die haar vooral graag structuur wil bieden. De analytische therapeut die zijn cliënt vol tegenstrijdige emoties en metaforen en symboliek 'kwijtraakt'. De zorgzame 'helper' die nu voor zichzelf snakt naar een beetje empathie en verbinding, terwijl de praktische ander zijn liefde vooral toont door dingen te doen. De sociale en artistieke man die door middel van symboliek zijn hart toont, maar merkt dat zijn praktisch en sociaal ingestelde vrouw daar 'geen belangstelling' voor heeft. We komen op een bepaalde manier allemaal van een andere planeet ... Als ik één ding heb geleerd in de afgelopen dertig jaar is het dit: we spreken écht verschillende hartstalen. We komen op een bepaalde manier allemaal van een andere planeet. En worden door verschillende dingen geraakt. Het voelt als 'thuiskomen' als je iemand ontmoet die jouw taal spreekt. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dat best uniek is. De meeste mensen om je heen spreken een net iets andere taal dan jij. Zolang we (onbewust) blijven verwachten of hopen dat die ander toch onze taal zal verstaan of spreken, worden we steeds opnieuw pijnlijk teleurgesteld.
Hey, je bent dus niet gek. Je bent geen domme trut of rare sukkel met jouw ingewikkelde binnenwereld en jouw hartstaal. Er zijn veel meer mensen die jouw taal spreken. Misschien niet exact hetzelfde 'dialect', maar wel dezelfde 'moedertaal'. Die herkennen jouw tegenstrijdigheden. Zij schrijven ook kaarten, worden ook geraakt door kinderliedjes, een kadootje of een symbolisch voorwerp. Zij moeten ook iets creëren om dingen te verwerken. Ik zeg dit vooral tegen de sociale en artistieke types en zeker tegen iedereen die én artistiek én sociaal is. Je voelt je misschien geen roepende in de woestijn, maar meer een wanhopig fluisterend kind in een eindeloze oceaan. Niemand reageert. Niemand schrijft iets terug in jouw taal. Niemand geeft je begrip of herkenning. Maar er zijn mensen die net als jij zijn. En denken. En voelen. En doen. En ook dezelfde eenzaamheid en wanhoop kennen. Je bent niet alleen ... Als je jezelf hierin herkent: ik hoop en bid dat dit inzicht (weer) een klein beginnetje mag zijn om een beetje terug te keren naar jezelf. Om tot jezelf te komen. Begin klein. Wat herken je in dit artikel? Wat raakte jou vandaag? Wat laat jou al een tijdje niet los? Waar reageer je soms op met tranen, met verlegenheid, met boosheid, met verlangen of met ontroering? Dat kunnen sporen zijn richting jouw binnenwereld: wat zegt het over jouw liefde (waar hou je van en wat is 'heilig' voor jou) en jouw taal? Het leren herkennen van je eigen taal is vaak een eerste stap naar heling – en de eerste sleutel tot verbinding met de ander. Want pas als jij jouw taal begint te herkennen, te waarderen en durft te spreken, kunnen anderen die ook deze taal spreken, jou ook werkelijk verstaan. En jij hen. Kunnen we de taal van de ander leren spreken? Niet altijd. Het is voor meer analytische types vaak moeilijk de hartstaal van de artistiekelingen te spreken. Het voelt voor hen al snel 'meeslepend', 'dramatisch', 'theatraal' of zelfs 'manipulatief'. Dat wil niet zeggen dat analytische mensen kunst, muziek, schilderijen, gedichten, etc. niet kunnen waarderen. Analytische personen kunnen soms enorm genieten als ze klassieke muziekstukken kunnen analyseren. De 'lijnen' er in gaan zien. Maar ze zullen zelf niet zo snel een gedicht, een lied of een verhaal schrijven of iets schilderen om hun verdriet of pijn te uiten. Evenmin kunnen meer ondernemende types de empathische en verbindende hartstaal van sociale types echt begrijpen. En hun pijn of verdriet. Maar evenzo is het voor artistieke mensen lastig om de helderheid, logica of rust die analytische of conventionele types kunnen bieden met hun taal te verstaan. Ik hoop dat je al lezend niet alleen je eigen taal en gevoeligheid herkent, maar ook wat meer respect krijgt voor de taal en de gevoeligheid van de ander. En meer begrip voor hoe de ander geraakt wordt – op een heel andere manier, door heel andere dingen. Dan kan er compassie ontstaan. Respect. Begrip. Ruimte. En misschien zelfs: enthousiasme over elkaar. Want jouw onvermogen is misschien wel de kracht van de ander naast jou. Denk in combinaties, zowel binnen jezelf als samen Niemand is 100% artistiek, realistisch, ondernemend of wat dan ook. We zijn allemaal unieke combinaties van meerdere menstypen. Denk eens na over de combinatie die jij in je hebt. Of de combinatie die jij met anderen kunt vormen. Een paar voorbeelden:
De combinaties zijn eindeloos – en prachtig. Eénheid in verscheidenheid – het Goddelijke kenmerk Als christen geloof ik dat deze verscheidenheid geen toeval is. Ze is bewust geschapen. God zelf is in Zichzelf al vol verschillen: Vader, Zoon en Geest. Ieder met een heel eigen manier van verschijnen, van werken, van spreken. Jezus verschijnt heel concreet en realistisch als een mensenbaby. De Heilige Geest als een krachtige wind met bovennatuurlijke verschijnselen. Ongrijpbaar; soms als een vuur en soms als een duif. De Vader verschijnt niet zelf, maar verschijnt via Zijn Zoon en de Heilige Geest. Alle drie zijn ze totaal verschillend. Maar ze zijn vol van elkaar, en vol respect voor elkaar. Vol liefde. Vol eenheid. Ze verwijzen met een heilig enthousiasme naar elkaar en representeren elkaar volledig. Ik geloof dat wij zijn geschapen naar Zijn beeld: als mensen die verschillen, maar in dat verschil juist elkaars spiegel en aanvulling zijn. En daarmee Hem mogen weerspiegelen. De één misschien iets meer van de Vader, en de ander misschien meer van de Geest of van de Zoon. Maar dat is juist de bedoeling. En misschien begint echte heling daar waar we stoppen met oordelen. Oordelen over de uitingen van de ander. Of over hoe de ander zich al of niet 'laat raken'. Laten we meer tijd nemen om te luisteren. Luisteren zonder oordeel. Niet alleen naar de letterlijke woorden. En wat die op onze eigen planeet zouden betekenen. Maar naar de diepere taal van andermans hart. Reis naar de planeet van de ander en wees daar te gast. Respecteer de regels die daar gelden en de taal die daar gesproken wordt. Het verandert je leven. En dat van anderen. Mag dit artikel een klein sleuteltje zijn voor jou, of voor iemand die je lief is. Een sleutel naar meer begrip. Een sleutel naar meer vrede; met jezelf én met de ander. Dit is mijn taal en een inkijkje in mijn binnenwereld. Dankjewel voor het luisteren en lezen en dus voor het afdalen naar mijn planeet. Dat waardeer ik! Somebody's praying. For you. Every day. |
Waarom schrijf ik?Ik schrijf over de verschillen tussen karakters, binnenwerelden en innerlijke talen. Omdat ik geloof in respect voor de ander die anders is. En in luisteren naar die ander zonder oordeel.
Ik schrijf omdat ik zie dat polarisatie, oordeel, wantrouwen, verwijdering, vijandschap, eenzaamheid, onbegrip en karikatuurvorming zoveel kapot maakt. Het zit blijkbaar in ons. In mij. In jou. Ik schrijf omdat eerlijke liefdevolle en zoekende woorden een wapen zijn tegen ontwrichting, eenzaamheid, zonde, leugens en verbittering. Ik schrijf omdat we allemaal ongelofelijk complex zijn. Onze eigen binnenwerelden zijn vergelijkbaar met afzonderlijke universums. We kunnen onszelf en de ander nooit helemaal begrijpen. Maar wel steeds meer respecteren. Respect en naastenliefde is niet ingewikkeld. Het is een grondhouding. Maar die grondhouding kan je wel alles kosten. Ik schrijf niet omdat ik veel meen te weten of een voorbeeld ben. Verre van dat. Ik schrijf juist omdat ik zoveel niet weet, maar wel al tientallen jaren zoek en blijf zoeken hoe ik kán weten en wellicht daarmee een klein voorbeeld mag zijn. Al was het maar in het omgaan met fouten, pijn en strijd. Ik schrijf voor jou, wanneer je jezelf niet meer herkent in deze wereld en in de mensen om je heen. Dat is gruwelijk eng. Je bent niet gek. Ik bid dat er iets tussen mijn schrijfsels zit waar je wél iets in herkent van jezelf. Of dat jou helpt om oordeel los te laten. Vooral over jezelf. Ik schrijf omdat er altijd hoop fluistert. Altijd. Echt. Het vraagt oefening om het te horen. Ik hoor het soms ook niet meer. Dan ga ik schrijven ... herschrijven, zoeken naar woorden die 'kloppen'. Ik schrijf ook omdat ik zonder schrijven simpelweg zou stikken. Ik kan eigenlijk niet anders. Vergeef me. Je neemt me het meest serieus als je me niet té letterlijk serieus neemt. Mijn zinnen zijn slechts pogingen om één bepaald perspectief te schilderen in woorden. Tussen duizenden andere waardevolle perspectieven. En voor iedereen die ook schrijft of schildert: blijf schrijven. Blijf alsjeblieft schilderen. Zo blijf je leven. Archieven
Juni 2026
CategorieënAlles Autisme Autonomie Big Five Borderline Chronisch Psychisch Lijden Diagnostiek Diagnostische Dwaling DSM V Empathie Evangelie Geloof Gevoeligheid Herkenning Hertraumatisering Informatie Voor Naasten Johnny Cash Langdurige Problematiek Levensfasen Liefdesverdriet Lijden Mentale Gezondheid Misdiagnose Muziek Onmogelijke Keuzes Persoonlijk Psychologie Psychopathologie Relationele Ontwrichting Songteksten Stress Therapeutische Klik Therapiematch Trauma Uitgelicht Vriendschap Zelfreflectie |
Wil je meer weten over mijn werk als psycholoog, schrijver of muzikant? Kijk dan op één van mijn websites.
RSS-feed